Onder deze titel brengt “Artsenkrant” van 19 oktober
2004 (25ste jaar – nr. 1624) een aankondiging over de promotie
van de Nederlandse gynaecoloog Cees Renckens. Dit luidt heel wat
anders dan de sobere tekst waarmee het Westfries Gasthuis (Hoorn)
op haar website de promotie van haar gynaecoloog Cees Renckens
tot Doctor in de geneeskunde aankondigt:
Van gynaecoloog tot kwakjager
“Cees Renckens, gynaecoloog in het Westfries Gasthuis, is
op 12 oktober 2004 gepromoveerd. In de aula van de Universiteit
van Amsterdam verdedigde hij zijn proefschrift ‘Dwaalwegen
in de geneeskunde, over alternatieve geneeswijzen, modeziekten
en kwakzalverij’.
De promotiecommissie bestond uit promotoren prof. dr. O. P. Bleker,
prof. dr. F.S.A.M. van Dam en de leden dr. E.Borst-Eilers, prof.
dr. P.Borst, prof. dr. J. van Heerden, prof. dr. J.Hoogstraten,
prof. dr. E.Schadé en prof. dr. E. van der Veen.”
Cees Renckens is overigens voor ons geen onbekende.
Officieel is hij voorzitter van de ‘Nederlandse Vereniging
ter Bestrijding van Kwakzalverij’. Deze eerbiedwaardige”
vereniging werd reeds op 1 januari 1881 opgericht. (www.kwakzalverij.nl)
Cees Renckens – geboren in 1946 –
het zelfde naoorlogse jaar als uw dienaar – spiegelt zich
in zijn uitspraken voortdurend aan het jaar 1881. De piskijker
die in 1850 de attractie vormde op de markt van zijn Fries dorp
wordt in één adem genoemd met de tweevoudige Nobelprijswinnaar
Linus Pauling (scheikunde en vrede), die als grondlegger van de
orthomoleculaire ‘kwaks’ wordt gezien.
Hij beschouwt zichzelf niet alleen een ongetwijfeld
verdienstelijk gynaecoloog – die op zijn achtenvijftigste
nog promoveert – maar ook als een geslaagd auteur. Reeds
in 1992 verscheen van hem “Hedendaagse kwakzalverij; alterantieve
geneeswijzen nader beschouwd”. En in 2000 verscheen van
zijn hand “Kwakzalvers op kaliloog; alternatieve geneeswijzen
onzachtziniig behandeld”.
Ik heb een poging ondernomen om beide boeken
te lezen. Alhoewel we bij auteur enige litteraire begaafdheid
onderkennen, heb ik niet de moed gehad de beker tot het einde
te drinken. Een aantal van de uitspraken van Renckens zijn gewoon
te platvloers. Soms denk je dat hij Tom Lanoy of Herman Brusselmans
concurrentie wil aandoen.
Als ik U hiervan een proevertje mag aanbieden
citeer ik uit de recensie “Kwakzalvers op kaliloog”
, geschreven in 2002 door Mira de Vries, voorzitter van de Vereniging
voor Medische en Therapeutische Zelfbeschikking, die duidelijk
stelt zelf helemaal geen voorstander van ‘alternatieve geneeswijzen’
te zijn
“Legitieme argumenten ben ik in het hele
boek – bijna 300 pagina’s met kleine lettertjes –
niet tegen gekomen. Renckens omschrijft herhaaldelijk niet-artsen
als “mensen die niet gewend zijn wetenschappelijk te denken.”
Maar zijn beschrijving van alternatieve geneeskundigen, alterneuten,
noemt hij ze, klinken allerminst wetenschappelijk. “Kwakzalvers
[zijn] volgens Dante in de diepste regionen van de Hel bevonden”
{pp25-26}, zegt Renckens. Zij “moeten zich verder vooral
in hun onreine sop gaar koken” {p46}, “[zijn] brutale
apen” {p128}, “doe[n] ons denken aan … [een]
zedeloze groep gajes” {p133}, “[zijn] beunhazen”
{p150}, “[zijn] warhoofd of … misdadiger” {p151},
en “ [zijn] medische randgroepjongeren” {p222}.
Hun publicaties “[kunnen] met de vuilnisman worden mee gegeven
… Sommige boekverbrandingen verdienen ieders sympathie”
{p122} en “Wie langer dan tien minuten hardop uit de genoemde
bladen leest gaat uit de mond stinken” {p282}.
Zijn diepste haat reserveert Renckens voor gediplomeerde artsen
die er alternatieve geneeskunde bij doen. Die hebben “grootheidsideeën,
overmatige distinctiedrift en andere karakterneurosen, en zelfs
grovere psychiatrische problematiek” {p 155}. Wanneer de
reumatoloog professor Rasker medewerking verleent aan wetenschappelijk
opgesteld onderzoek over een alternatief middel – waaruit
blijkt dat het inderdaad een kwakzalf is – zou je denken
dat Renckens hoera roept. Maar nee, hij beledigt de professor,
zijn vader, en de universiteit waaraan de hoogleraar is verbonden
{p259}.
Indien U nog meer van dit leuks wil lezen surf dan snel naar http://www.metzelf.nl/actualia/2004-10-12X.html
Wat mij vooral opvalt voor een wetenschapper
van een zulkdanig gehalte dat hij meent anderen voor kwakzalver
te mogen uitschelden, is dat hij in een scheldtirade van bijna
300 bladzijden geen plaats vindt om ook maar één
referentie weer te geven!
Maar voor Renckens zijn deze infame verdachtmakingen
nog lang niet voldoende.
In “Genezen is het woord niet - biografische
schetsen van de twintig meest notoire genezers van de twintigste
eeuw” penseelt hij karikaturen van twintig vooraanstaande
natuurartsen onder wie Moerman, van de Upwich, Nelissen, van der
Schaar, Defares ...; die hij in een adem noemt met waarzeggers
als Croiset, Hofmans en zelfs Yomanda. http://www.skepsis.nl/sn14.html
Rechter on beroepwijst Renckens terecht
Ondertussen vond Renckens de tijd om nog een
Dr. Renckens Quackiness Scoring System op te stellen http://www.geocities.com/healthbase/renckens_scoring_system.html
Hier geeft hij meer (negatieve) punten aan ‘alterneuten’
met een academische opleiding van aan de anderen en vooral aan
diegenen die reeds met tuchtraden of met het gerecht in aanraking
gekomen zijn. En dit laatste is op zijn minst verbazingwekkend.
In De Orthomoleculaire Koerier Nr. 81 publiceert
Ruud A. Nieuwenhuis, hoofdredacteur immers een artikeltje “De
wonderbaarlijke schrifturen van de antikwakzalver Renckens”
Ik citeer:
“Dat gynaecoloog Renckens een hekel heeft
aan orthomoleculaire artsen (om over therapeuten nog maar te zwijgen)
is algemeen bekend. Dat het met hem zo ver zou komen dat hij achter
elke lantaarnpaal een orthomoleculaire kwakzalver ziet, en intriges
en complotten veronderstelt die er totaal niet zijn, neen, dat
had ik toch niet gedacht. .... In een ingezonden brief in het
'Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde' (NTvG) van 12 februari
jl. doet Renckens mij de dubieuze eer aan uit bepaalde gegevens
te concluderen dat ondergetekende de grote oprichter en coördinator
is van de alternatieve fondsen (door hem 'kwakfondsen' genoemd)
die de laatste jaren geld verzamelen ten behoeve van de verbreiding
van de natuurgeneeskundige benadering van hart- en vaatziekten,
kanker en reuma .... Renckens heeft met zijn verdachtmakingen
de ethische en juridische spelregels overtreden, want hij had
de (morele) plicht om de hem verstrekte informatie op waarheid
te toetsen. Maar hij heeft mij of andere betrokkenen nimmer om
commentaar gevraagd .... “ .
lees verder www.orthos.nl/media/perio/DOK81col.
Waar Ruud Nieuwenhuis hier slechts stelt dat
Renckens de ethische en juridische spelregels overtreedt en met
juridische stappen dreigt, vermeld hij in Orthomoleculaire Koerier
Nr. 85 “Eerherstel voor Dr. Houtsmuller; Renckens mag hem
geen kwakzalver en geen leugenaar meer noemen” dat Rencken
wereklijk met het gerecht in aanvaring kwam. Ik citeer nogmaals
“Op 19 oktober jl. heeft het Gerechtshof te Amsterdam arrest
gewezen in het hoger beroep van een vonnis dd. 26 mei jl. van
de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam, in een kort geding tussen
dr. A.J. Houtsmuller (eiser) en T.C.N.M. Renckens c.s. (Vereniging
tegen de kwakzalverij; gedaagde). In het geding tussen beide partijen
had Houtsmuller geëist dat Renckens c.s. hem geen kwakzalver
en geen leugenaar mocht noemen. Tot verbazing van velen had de
lagere rechter echter geoordeeld dat Renckens c.s. het recht had
zulks te doen. Nu, in hoger beroep, heeft de hogere rechter beslist
dat Renckens dit niet mag. Een duidelijk eerherstel voor dr. Houtsmuller
De kernoverweging van het Hof komt erop neer dat dr. Houtsmuller,
anders dan Renckens c.s. steeds heeft beweerd, niet kan worden
aangewreven dat hij publiekelijk als zijn zienswijze zou hebben
uitgedragen dat zijn nutritionele therapie pretendeert kanker
te kunnen genezen. Volgens het Hof was door dr. Houtsmuller gesteld
dat zijn aanvullende therapie erop is gericht om de kansen van
de patiënt op genezing van kanker te vergroten. Het Hof is
daarom van mening dat dr. Houtsmuller met zijn therapie alleen
een heilzame aanvulling beoogt te geven op de klassieke behandelingswijzen
van kanker .”
http://www.orthos.nl/media/perio/DOK85/DOK85col.htm
Promoveren op je 58ste
En nu is er dan het promotieschrift ‘Dwaalsporen
in de geneeskunde’.
Voorafgaand kunnen we ons de vraag stellen waarom een gerespecteerd
gynaecoloog moet promoveren over een thema dat buiten zijn specialisatiegebied
ligt. Wat is de diepere bedoeling van zulk een proefschrift. Is
ze wetenschappelijk of is ze politiek?
Laten we daarom enkele commentaren onder ogenschouw
nemen.
De voorlichtingsdienst van de Universiteit Amsterdam
geeft (uiteraard) een objectieve voorstelling van het proefschrift
:
“De alternatieve geneeskunde heeft de
afgelopen decennia een sterke groei doorgemaakt. Eind jaren zestig
bezocht één procent van de stedelijke bevolking
wel eens een alternatieve genezer. Begin jaren negentig was dat
zes procent en sindsdien lijkt de belangstelling stabiel. Van
de totale uitgaven aan gezondheidszorg gaat 2,4 procent naar de
alternatieve genezers. Renckens beschrijft de motieven en de kenmerken
van hun patiënten: zij hebben vaker een chronische aandoening,
zijn boven de dertig, hebben een hoger opleidingsniveau, een sterkere
preoccupatie met de eigen gezondheid en het zijn vaker vrouwen
dan mannen. Ook reguliere medici nemen alternatieve behandelingen
in hun aanbod op, iets waar volgens Renckens de medische beroepsverenigingen
en het medische tuchtrecht niet effectief op reageren. Wetenschappelijk
onderzoek naar alternatieve geneeswijzen verdient ontmoediging,
meent Renckens; de schadelijkheid zou echter systematischer in
beeld moet worden gebracht”
In de bespreking van “Trouw” wordt alles veel duidelijker:
“Daarnaast is het volgens Renckens nodig om strenger te
kijken naar gediplomeerde artsen met een hang naar het alternatieve.
,,Zulke artsen mogen eigenlijk niet bestaan'', zegt hij principieel.
,,Die mensen beweren heel andere dingen dan ze tijdens hun studie
geneeskunde hebben geleerd. De studie gaat over spieren, bloedvaten
en zenuwbanen. En zij beginnen over chakra's, aura's en meridianen.
Tegelijkertijd beroepen ze zich erop dat ze arts zijn, maar dan
met iets extra's erbij. Maar zo is het niet. Ze hebben het vak
gewoon niet goed begrepen. Artsen die zulke onzin verkopen, moet
hun bul worden ontnomen. Ze moeten uit de beroepsgroepen worden
gezet. Het betreft hier de zwakste broeders uit ons vak, bij wie
een steekje loszit.''
Als Renckens zijn zin krijgt, wordt het beoefenen van alternatieve
geneeskunde in de praktijk onmogelijk. Want niet-artsen zouden
geen diagnoses meer mogen stellen en dus ook geen behandelingen
meer kunnen inzetten. En gediplomeerde artsen zouden zich aan
de regels van de kunst moeten houden, omdat ze anders uit het
gilde worden gezet. ,,Dat is zielig voor de patiënt'', erkent
Renckens. ,,Die gun ik op zich graag een avontuurtje. Dat is een
dilemma waar ik nog niet uit ben.''
Intellectuele status of niet, feit is dat de reguliere geneeskunde
voor veel kwalen geen remedie heeft. Vooral patiënten met
chronische aandoeningen als epilepsie, multiple sclerose, rugklachten
en reuma komen er nogal bekaaid af. Juist zij zoeken hun heil
bij de alternatieven. Ligt het probleem niet bij de medische wetenschap
zelf, die te weinig te bieden heeft?
,,De reguliere geneeskunde kan niet alle leed keren'', beaamt
Renckens. ,,Dat maakt het begrijpelijk dat mensen zich afvragen
of er niks méér is. Maar er ís niks meer.
De reguliere geneeskunde is een open en gretig systeem. Elke behandeling
die werkt, wordt er onmiddellijk in opgenomen.'' We moeten juist
blij zijn met de medische wetenschap, benadrukt hij, ondanks de
tekortkomingen. ,,Het is een waardevol element in de strijd van
de mensheid tegen de brute krachten van de natuur.''
Renckens houdt er een opvallend helder denkkader op na: regulier
is goed, alternatief is flauwekul en dat dient dus te worden bestreden.
Dat levert hem af en toe verwijten op. Zo vinden sommige collega's
het nutteloos of zelfs contraproductief dat hij fel tekeergaat
tegen iets onschuldigs als de homeopathie. De kwakbestrijder zou
zijn pijlen moeten reserveren voor ernstiger zaken, zoals dieetgoeroes
die de valse hoop wekken dat ze kanker kunnen genezen. Maar Renckens
voelt niets voor zo'n onderscheid. ,,Ik vind het juist prettig
om alles over één kam te scheren. De bewijslast
ligt bij degenen die iets vreemds beweren, of ze nou roepen dat
ze kanker, kaalhoofdigheid of onvruchtbaarheid kunnen genezen.
Het een is veel brutaler en schrijnender dan het ander, maar het
komt op hetzelfde neer.''.
http://www.trouw.nl/zorgengezondheid/print/1097560509632.html
Wat Renckens nu prettig of niet prettig vindt
laat mij verdomd koud. Duidelijk is dat hij alles over Eén
kam scheert; m.a.w. dat hij er een zootje van maakt. En wanneer
men in Nederland kan promoveren door de meest uiteenlopende zaken
over “één kam te scheren” ben ik –
met alle respect voor de promotoren – gelukkig dat ik aan
Vlaamse universiteiten gestudeerd heb. Hier beperkt men zich wellicht
tot het doceren van wat volgens bepaalde wetenschappelijke criteria
vaststaat maar poogt men tevens de kritische geest van de studenten
aan te scherpen.
Dan blijft er ruimte voor het bestuderen van topics die nog niet
tot het algemeen denkgoed van de ‘Alma Mater’ behoren,
niet alleen voor de gepromoveerden, maar zelfs voor een aantal
docenten.
Artsenvereniging wil einde polarisatie
Reactie op proefschrift Renckens
Ik ben er me natuurlijk van bewust dat in de
realiteit hetzelfde gedachtegoed leeft bij onze noorderburen.
Daarom wil ik besluiten met te verwijzen naar de reactie van de
Nederlandse Vereniging van homeopaten op het proefschrift van
Renckens :
“In reactie op het proefschrift Dwaalwegen in de geneeskunde
waarmee de vrouwenarts C.N.M Renckens op 12 oktober 2004 promoveerde
op het onderwerp alternatieve geneeswijzen, modeziekten en kwakzalverij
heeft de Artsenvereniging voor homeopathie VHAN enkele opmerkingen.
De artsenvereniging stelt zich op het algemene standpunt dat de
medische wetenschap en de patiënten in Nederland gediend
zijn bij een open houding van diverse medische richtingen ten
aanzien van elkaar. Van een gebrek daaraan en polarisering van
de verschillende methoden zijn uiteindelijk alleen de patiënten
de dupe. Bovendien als de houding van Renckens standaard zou zijn
in de wetenschap, dan zou de aarde nog steeds plat zijn, het zet
de rem op ontwikkeling en innovatie. “
http://www.homeopathie.nl/renkckens.htm
De aarde is niet meer plat, de Wereldgezondheidsorganisatie en
de Europese gemeenschap vinden dat het medisch kunnen dat tot
vandaag niet tot de academische geneeskunde behoort moet onderzocht
worden om na te gaan wat er als waardevol uit kan gehaald worden
om dat ieder burger recht heeft op betaalbare geneeskunde en op
een vrije overtuiging. Het hier bespoken proefschrift zet zich
hier tegenover af. A-I-G kieste de zijde van EU en WHO!
M.B.
|